week 1

Novaly - 12128, Tagmar - Ruimteschip Fiator

Dag 1

>> Ons ruimteschip is ontworpen om onderdak te kunnen bieden aan een bemanning van tweehonderd. Er zijn honderd en tien van ons, mijn volk: de Tagmaranen. Op Elodie zullen nog vijftig mannen en vrouwen aan boord komen. Volgens mij ben ik het enige kind. Tiener! Ik ben veertien.
Mijn vader is de kapitein van dit schip en aangezien wij nog maar met zijn tweeën zijn sinds mijn moeder stierf, wilde mijn vader mij niet alleen achter laten. Dat is nu bijna zes jaar geleden.
Ik denk dat ik blij moet zijn dat ik mee mag...

Niemand weet hoe lang de reis precies gaat duren. Geschat wordt zo rond een half jaar. Heen en terug. Het kan net zo goed een compleet jaar worden, zeker als we ook daadwerkelijk vinden waar we naar op zoek gaan.
Het is geen vakantie voor mij. Mijn schoolwerk gaat gewoon mee. Leraren genoeg aan boord. Misschien kunnen ze mij zelfs wel wat leren over de aandrijving. Mijn lievelingsvak op school: toegepaste algebra. Voorlopig zit ik vastgesnoerd in mijn stoel in onze cabine. Mijn vader is op de brug, het centrum van het schip. Letterlijk.

Het ontwerp was gevonden op Elodie nota bene. Maar dat was een oud ontwerp. Dit schip is voorzien van de modernste snufjes die op Tagmar te vinden zijn. Toch hebben ze aan de vormgeving zelf weinig veranderd. Een ietwat platgedrukte bol in het midden, een tiental spaken en een grote ring daaromheen. Net een ouderwets wiel, volgens één van de Terraanse medewerkers van mijn vader. Ze woont op Tagmar, maar is geboren op Terra. Ja, ik weet het, ingewikkeld allemaal. Uiteindelijk komen we allemaal van Tagmar, dat is de oudste wereld. Mijn thuiswereld met zijn acht grote continenten. Officieel is Elodie ook een deel van Tagmar. We bemoeien ons niet zo veel met elkaar. Zeker niet sinds Terra wordt geherkoloniseerd.

Wat een ophef gaf dat. De beslissing die de oude raad had genomen; de vernietiging van bijna de gehele Terraanse bevolking. Er kan niets meer aan veranderd worden natuurlijk, maar toen alles eenmaal bekend was gemaakt is er een nieuwe raad gekomen. In totaal werden er zo'n tweeduizend overlevenden gevonden. Tweeduizend van de biljoenen die op de planeet geleefd hadden. Verschrikkelijk.
Ze mochten kiezen: blijven op Terra, hun aarde, of verhuizen naar Tagmar of Elodie. De meeste zijn gebleven. Veel inwoners van Theros, één van de acht Tagmaraanse continenten, zijn overgeplaatst naar het nieuwe land. Vrijwillig natuurlijk... denk ik.
In ieder geval was dat de minst grote schok voor de Terraanse overlevenden. Die komen tenslotte oorspronkelijk ook van Theros.

Er wordt afgeteld, ik moet stoppen nu. <<

Vlug schoof ze het notebook in de daarvoor bestemde hoes, die aan de zijkant van de stoel was bevestigd. Op het geluid van de in de verte brullende motoren en de stem die langzaam aftelde na, was het stil in de cabine. Nog twintig tellen.
Haar handen grepen de afgeronde hoeken van de stoelleuningen vast en in gedachte ging ze nog eens na wat er de komende uren zou gebeuren. De drie uur dat ze alleen in de cabine zou zijn, totdat haar vader, als alles goed ging, even de tijd zou hebben om wat tijd met zijn dochter door te brengen.
De brullende motoren waren geen onderdeel van het ruimteschip zelf. Het waren de generatoren die de brandstofcellen van voldoende energie voorzagen om het twee jaar te kunnen volhouden in de leegte van de ruimte.
Het wielvormige schip zou met behulp van een ingenieus lasersysteem omhoog worden geduwd. Er zou geen brandstof worden verspild aan de lancering.
“Twaalf... elf... tien...”

Ze moest zich inhouden om geen contact te zoeken met haar vader. Hij had gezegd dat ze hem te alle tijde mocht roepen wanneer dat echt nodig was. Ze wist echter dat hij zijn volle concentratie nodig had op de brug. En voor iets onbenulligs als zenuwen wilde ze zich niet laten kennen. Er waren genoeg andere zenders aan boord, maar aangezien ze nog bijna niemand kende, hield ze haar gedachten stevig in de hand.
“Vier... drie... twee...”
Ze sloot haar ogen, beet op haar lip... en hoorde vervolgens alleen nog maar de stem zeggen: “Eén. Alle systemen in orde, lancering begint.”
Een zucht ontsnapte haar. Ze was het vergeten: de lancering was geruisloos.

Ze zou moeten blijven zitten totdat de rode streep boven de deur van de cabine zou verdwijnen. Het teken dat alles veilig was en het schip aan zijn reis door de ruimte was begonnen. Een lichte trilling gaf aan dat ze het begin van de dampkring bereikt hadden. Veel erger dan dit zou het niet worden. De eerste etappe van de reis, de tocht naar Elodie, zou zes dagen duren. Ze zouden niet landen, want op Elodie was geen lanceringsplatform. Met behulp van verschuivers zou de bemanning aan boord komen. Uiteraard hadden zij ook meteen naar Tagmar kunnen komen, maar op deze manier was de korte reis naar Elodie meteen een mooie testvlucht. Zelf had ze nog nooit met een verschuiver gereisd. Het kleine apparaatje waarmee je binnen een paar tellen de halve ruimte mee kon doorkruisen, was een zeldzaam en kostbaar instrument. De kleine hoeveelheid die in omloop was, was in handen van de regeringsleiders: de Raad en andere leiders van grote ondernemingen.

Het zou niet lang meer duren. De trilling nam al af. En daar was het signaal. De stem, die ze herkende als die van de eerste officier Bays, vertelde iedereen aan boord dat ze in een baan om de planeet zaten en dat alle niet essentiële bemanningsleden nu ook hun plaatsen konden innemen. Dat betekende de wetenschappers, technici en andere personen die nu waarschijnlijk haastig aan de slag gingen met het controleren van alle onderdelen van het schip. Novaly klikte haar gordel los en stond op.
Haar eerste taak was om het zichzelf gemakkelijk te maken, er werd verder niets van haar verwacht deze eerste uren.
Even stond ze besluiteloos naast haar stoel. Haar ogen vlogen naar de hoes waarin haar notebook zat. In plaats daarvan liep ze echter de paar meter naar de buitenwand van de cabine. Er zat een scherm dat weggeschoven kon worden, waarmee ze voor het eerst een blik kon werpen op haar wereld vanuit de ruimte.

Ze zag niets, alleen maar zwart en sterren. Met een frons vroeg ze zich af of ze misschien toch al verder weg waren dan ze gedacht had, totdat in de rechterhoek het beeld verscheen waar ze op gewacht had. Niet veel later had ze de volledige planeet in beeld.
Het ruimteschip roteerde langzaam en bracht op die manier zijn eigen zwaartekracht tot stand.
Ze voelde hoe haar vader in gedachte naar haar glimlachte. Blijkbaar had ze haar enthousiasme bij het zien van de schitterende blauw-grijzige bol voor haar niet helemaal kunnen bedwingen. Ze onderdrukte een grijns en voelde aan het krachtveld dat haar beschermde tegen het luchtledige buiten het venster. Een lichte schok, nauwelijks noemenswaardig, schoot door haar vingers. Verder voelde het veld aan als een ondoordringbare muur.
Wat zou ze nu graag iemand bij zich hebben om dit mee te delen. Het maakte niet uit wie, haar vader, haar buurvrouw op Tagmar. Het liefst natuurlijk Lyndi: haar vriendin. Ze zou haar enorm gaan missen. Er was niet veel dat de twee meisjes de afgelopen veertien jaar hadden gedaan, zonder dat de ander daar op de één of andere manier deel van had uitgemaakt.
Maar er zat niets anders op, ze moest zich minimaal een half jaar vermaken met wie er dan ook maar tijd had voor haar. De enige tiener aan boord van een ruimteschip; op zoek naar de vierde wereld. De naamloze planeet aan het uiteinde van het sterrenstelsel waarin Elodie lag. De wereld die misschien, net als Terra en Elodie zo lang geleden, nog onbewoond zou zijn. Maar leefbaar.